Cursusaanbod        
Agenda                  
FAQ                            
Verhuur                    
Verkoop                    
Service & Info           
Links                          

Over
De Meeuw
Contact Home

Testimonial Paul Vosbeek

Deltavliegen, een droom of werkelijkheid…

Als kind droomde ik regelmatig dat ik bij ons in het dorp in het midden van de straat stond en begon te rennen. Ik rende tot ik niet harder meer kon en dan liet ik mij met gestrekte armen voorover vallen om met hoge snelheid met mijn neus vlak boven het asfalt te scheren en als ik mij dan goed concentreerde kon ik langzaam hoogte winnen. En hoe hoger ik kwam, hoe makkelijker ik kon bewegen en dan vloog ik over de Maas naar het tegenoverliggende dorp, maakte een rondje om de kerktoren en vloog weer over de akkers en velden terug naar mijn dorp. Uren kon ik vliegen en zalig voelde ik me als s’ochtends wakker werd: de hele dag kon ik er van nagenieten.

Nadat mijn moeder voor de zoveelste keer met grote schrik moest toesnellen als ik weer een van mijn provisorische vliegvleugels had getest vanaf het dak van de berging met als gevolg dat ik schreeuwend van de pijn in de kreukels lag, heb ik mijn wil om te vliegen een tijd lang weg moeten drukken. En zo verdwenen ook langzaam de dromen.

Toen de keuring van de Rijksluchtvaart School mij niet toestond om burgerluchtvaart piloot te worden vanwege een oude elleboogbreuk, is er een periode aangebroken waarin vliegen geen rol speelde in mijn leven. Tot ik ongeveer 10 jaar later mijn jeugd beschouwde en me mijn dromen herinnerde. Zo vond ik in de krant (er was toen nog geen internet) deltavliegschool De Meeuw en twee weken later stond ik in Cond in een prachtig natuurgebied met een vleugel op mijn schouders, net als toen ik klein was maar dan toch heel anders.

Toen ik na een paar keer oefenen voor het eerst los kwam en een korte maar eindeloos durende glijvlucht maakte, herkende ik het gevoel uit mijn jeugd. Het voelde precies zoals ik altijd gedroomd had. Ik was verkocht aan deltavliegen en wist op dat moment niet dat het zoveel zou gaan betekenen voor mijzelf en wat ik belangrijk vind in het leven.

Na afronding van mijn Brevet-1, heb ik gekozen voor de Brevet 2 cursus in Thorame. Thorame ligt diep in de Franse Alpen en om er te komen moet je een smal valleiweggetje in, daar waar andere mensen rechtdoor rijden. Een prachtig natuurgebied, authentieke Franse dorpsomgeving en een paar schitterende startplekken liggen allemaal bij elkaar in de buurt voor zowel beginners als gevorderden. De camping ligt in de bossen met het mooiste zwemmeertje ooit van waaruit je op je rug liggend kunt genieten van 360 graden zicht op het prachtige hooggebergte van de Alpen. De startheuvel voor de beginners ligt pal naast het meertje en óp de camping.
Dat alleen maakt het al een hele bijzondere plek. De campingeigenaar is zó weggelopen uit een boek van Asterix en Obelix: een klein opstandig mannetje met een rode neus en een aura van knoflook om zich heen en hij verdedigt zijn camping alsof het inderdaad dat ene dorpje is wat nog niet door boze buitenwereld is veroverd.

In Thorame heb ik na een lange tussenpauze weer moeten leren vliegen en hierbij heb ik zowel stof, gras en ego moeten happen voor het me lukte om mijzelf weer vliegend te krijgen. Achteraf gezien is het een zeer interessant proces geweest om de beschermende en veilige verantwoordelijkheid van Diederik te laten stoeien met mijn eigen, onverantwoordelijke ambitie die mij voorhield dat ik allang kon vliegen. Diederik heeft me toch kunnen sturen en uiteindelijk vloog ik weer vanaf het midden van de oefenhelling een mooie glijvlucht en het gevoel was weer terug.

De dag erna zouden we “omhoog” gaan voor de eerste hoogtevlucht. Omhoog was een berg met daarop een sprietje van een zendmast (die in werkelijkheid 30 meter hoog was) die vanaf de camping zichtbaar was en waar iedereen al een paar dagen af toe naar opkeek met een lichte kriebel in de onderbuik en dacht, moet ik dáár vanaf? Vanaf het dal bezien is 670 meter hoog maar tijdens de weg naar boven sloeg het echt in. De wegen naar deltavlieg startplekken zijn over het algemeen al een sport op zich en bij elke serpentinebocht wordt het zicht op het dal dieper en indrukwekkender.

Eenmaal boven op de startplek is het eerste wat je raakt het overweldigende uitzicht. Eigenlijk zijn er weinig dingen mooier dan het ochtendgloren vanaf een berg in een immense natuuromgeving terwijl de dauw zich net gezet heeft. De zon schijnt haar eerste stralen over de slapende vallei die zich in al haar rust en stilte voor je openbaart. En jij staat daar middenin en het voelt alsof het je eerste ochtend is. Ik ga mijn vleugel opbouwen voor mijn eerste hoogtevlucht...


De startberg voor B-2 in Thorame is naar praktisch alle windrichtingen startbaar en dat maakt het vliegen vanaf deze berg veelzijdig. Je start in elke richting vanaf een ander soort startplaats en doet vanaf één en dezelfde locatie veel ervaring op. De startplekken zijn eigenlijk in 2 basisrichtingen te verdelen: rechtsreeks het dal in of over het “zadel”. Het zadel is precies zoals de naam al zegt een verlaging tussen 2 bergtoppen met een hoogteverschil van rond 100 meter vanaf de start.

De dag van onze eerste hoogtevlucht was de windrichting zodanig dat we moesten starten richting het zadel. Ik was als eerste opgebouwd en stond vooraan. Diederik vroeg mij of ik het gevoel had dat ik als eerste zou kunnen starten. Dat had ik zeker. Het voordeel van starten richting het zadel is dat het niet zo hoog lijkt, en ik voelde me ook vrij zeker toen ik de woorden hoorde: “pak ‘m maar op…linkervleugel iets lager, voor je kijken en lopen maar…” En toen werd alles anders.

Ik kwam soepel los en via mijn de koptelefoon van mijn radio hoorde ik in de verte Diederik’s stem: “mooie start en nu rustig rechtdoor vliegen, van de berg weg. En dan gaan we zo meteen rustig een bocht naar rechts maken, richting het dal”. Na een rustige verplaatsing van mijn lichaamsgewicht onder de vleugel maakte ik een hele relaxte bocht naar rechts en voor mij zag ik twee lagen: in de verte de diepte en ruimte van het echte dal en dichterbij en veel hoger het zadel. Dit was begroeid met naaldbomen en het driedimensionale beeld van die bomen die dichterbij kwamen en het dal wat verder weg zakte was een sensatie van beweging, tijd, ruimte en zwaartekracht. En op dat moment voelde het heel natuurlijk.

En toen begon ik het diepe dal te naderen. Terwijl ik recht naar beneden keek, bereikte ik de rand van het zadel en ineens ontvouwde zich onder mij een ijzingwekkende diepte en ik hing daar hóóg in de lucht, in mijn eentje onder een vleugel die niet groter is dan twee surfzeilen en als je naar beneden kijkt zie je twee voeten, dan een hele tijd niets en dan 500 meter lager de miniatuurwereld die voorheen het dal was.

Ik schreeuwde het uit van de opwinding! Als ik dat moment weer voor de geest haal krijg ik nu, zes jaar later, nog steeds kippenvel. En het mooie is dat terwijl de adrenaline door je donder giert, het eigenlijk heel rustig is. Daar vlieg je dan, helemaal alleen in dat prachtige gebied en je hebt het mooiste uitzicht ooit. Er zijn geen grenzen aan je bewegingsvrijheid. Je kunt naar links, naar rechts, omhoog of omlaag en alles door elkaar heen. Je bent vrij als een vogel.

Genietend van dat moment en om me heen kijkend zag ik het zwemmeertje, de camping en mijn tentje heel klein in de bossen. De zon bescheen ochtend-oranje de camping en mijn gezicht en toen ik beneden ook nog een kudde herten zag wegrennen was ik intens gelukkig.

Al leek het een eeuwigheid, in werkelijkheid duurde het tien minuten voordat ik over het meertje, over de camping het dal was door gevlogen en me moest gaan concentreren op mijn landing. Daar wordt de begeleiding overgenomen door de landingsinstructeur die ook weer met behulp van radio aangeeft welke handeling je wanneer moet doen. Voor de rit naar boven heb je het landingsterrein al grondig geïnspecteerd en de theorie van het circuit vliegen uitvoerig besproken maar als je dan werkelijk met 25 km/uur richting de aarde vliegt voelt het toch anders dan je had gedacht.

De twee spannende momenten van een vlucht zijn als je de aarde loslaat en haar weer raakt. Dan moet je geconcentreerd zijn. Na het circuit te hebben gevlogen, kwam de grond toch sneller op me af als ik dacht en ik maakte een buiklanding in het natte gras. Een vreugdekreet vanuit het diepst van mij ziel galmde door de vallei en ik heb wel tien koprollen over het landingsterrein gemaakt omdat ik niet wist wat ik anders aan moest met dat euforische gevoel wat ik mijn donder had.

Wat een absolute en volledige sensatie! Nooit zal ik mijn eerste hoogtevlucht vergeten en al zijn er intussen nog vele vluchten gevolgd, die eerste keer was ongeëvenaard. In Thorame heb ik vervolgens tijdens heel veel vluchten heel veel aspecten van het leren vliegen mogen leren. En voor mij is Thorame een plek die ademt deltavliegen. Als je liggend op je luchtbed in het zwemmeertje ligt na te genieten van een mooie vlucht beleef je die hele vlucht opnieuw en je kunt niet wachten tot de volgende.

Zoals het er nu naar uit ziet, zal ik er wel nooit meer vanaf komen en is deltavliegen bewust en onbewust een belangrijke rol gaan spelen en een richting gaan geven in mijn leven.

En de dromen zijn ook weer teruggekomen…

Paul Vosbeek, Brevet 2 houder sinds 2002, begon met vliegen bij de Meeuw in 2000.